Deze pagina: 21.Beestjes

21. Beesten
21.1 Vriendelijke beesten


21. Beesten
Hoe weten die rotbeestjes mijn wietplanten toch te vinden en waarom trekken ze niet bij mijn buurman in de tuin?
Dit gebeurt inderdaad niet toevallig. Insecten herkennen hun voedselplanten aan de wiet geur die ze verspreiden. Sterker nog, de stank van ons favoriete plantje is zijn enige zelfbescherming. Als je deze geur al in de kweekruimte verwijdert, heeft dat vaak gestresste planten tot gevolg.Planten maken onder invloed van licht allerlei bouwstoffen. De belangrijkste bouwstoffen zijn voor de meeste planten gelijk en ruiken ook min of meer hetzelfde. Maar de bij-producten die hierbij onstaan en die per soort sterk kunnen verschillen, worden als een geurend gas uitgescheiden. En het is de specifieke geur die door de lucht verspreid wordt en als een magnetisch kompas op insectenwerkt. Daarom zijn bepaalde planten meer dan andere aantrekkelijk voor bepaalde insecten. Het signaleren van ongewenste gasten in de kweekruimte is zeer belangrijk. Elke kweker inspecteert, onder andere om die reden, dagelijks zijn tuin.Dit gebeurt nou eenmaal bij het wiet kweken.


Vangstrips,
Een goed hulpmiddel om plaaginsecten in een vroegtijdig stadium te ontdekken zijn vangstrips. Het meest gebruikt zijn de gele stroken waarop een plakkerige substantie is aangebracht. Even simpel als doeltreffend werkt deze gele ( of blauwe) strip: de kleur oefent op veel insecten een onweerstaanbare aantrekkingskracht uit en de lijm op de kaart zorgt ervoor dat het insect niet meer weg kan. Met een blik op deze kaarten, die je tussen de planten hebt gehangen zie je of de ruimte insectenvrij is. Zo niet, beschik je meteen over een ( gevangen) beest waarvan je identiteit kunt vaststellen, zodat je snel enkele passende maatregelen kunt nemen.


Kasspint
Kasspint zijn kleine mijten( 0,5 mm), die duidelijk te herkennen zijn aan de donkere vlek op elke flank van hun geelbruine lichaam. Er zijn zowel rode als als geelbruine soorten kasspint. Bij nadere inspectie onder een vergrootglas kun je acht poten tellen. Vooral in warme en droge omgeving kan de spint zich explosief vermeerderen. Het leven van een vrouwtjes spintmijt telt enkele weken en daarin kan zij wel 100 tot 120 minuscule rode eitjes leggen aan de onderkant van de bladeren. Het eitje van de kasspint komt bij 21 °C na 5 dagen uit. De eerste twee larvestadia duren elk 2 dagen, het derde stadium duurt ca. 4 dagen. Na de hierop volgende verveling komt het volwassen dier tevoorschijn. Het maakt het er voor de hobbykweker niet eenvoudiger op, maar jonge spintmijtjes hebben in de eerste twee levensfases twee pootjes minder.Kasspint voedt zich door aan de onderkant van de bladeren plantencellen lek te prikken, en het plantensap op te zuigen. Hierdoor ontstaan kleine geelgrijze puntjes op het blad. Bij een ernstige aantasting kan het hele blad verbleken en afvallen. Kenmerkend voor de spint is het zilvergrijze spinsel aan de onderkant van de bladeren, in de bladoksels en in de bloemtoppen. Dat spinsel behoedt de spintmijt voor uitdroging. Is dit zichtbaar, dan is het al ver heen. Vaak is spint latent aanwezig in een kweekruimte maar zal het zich alleen ontwikkelen als de omstandigheden zich daarvoor lenen (bijvoorbeeld als de luchtvochtigheid te lange tijd te laag is geweest ). De meest natuurlijke bestrijding van de spint bestaat uit het regelmatig bespuiten met water. Daarbij moet de onderkant van de bladeren vooral niet vergeten worden. Bespuiten met een middel dat pyrethrine bevat kan ook goed helpen. Pyrethrine is een natuurlijk gif dat ingezet kan worden tegen allerlei spinten en insecten. Het lost de beschermende waslaag van de insecten op zodat ze weerloos worden. In de pyrethrine-middelen die te koop zijn, is vaak de chemische stof 'piperonylbutoxide' verwerkt die de werking van pyrthrine versterkt. Dat maakt het spuitmiddel een stuk minder natuurlijk! Pyrethrine gebruik je niet tegelijk met roofmijten omdat dit middel ook voor hen dodelijk is.



Witte vlieg
Volwassen witte vlieg lijken op witgepoederde motjes en hebben een lengte van ongeveer 1,5 millimeter. Ze voeden zich met plantensap en veroorzaken een remming van de groei en bloei van de plant. Zowel de jonge als de volwassen witte vlieg scheidt een zoete, kleverig stof ( honingdauw) af ten gevolge van een teveel aan suikers in het lichaam, waardoor de poriën in het blad verstoppen en de verdamping en aanvoer van voedingszouten belemmerd wordt. Als de luchtvochtigheid in de kweekruimte aan de hoge kant is vormt honingdauw een goede voedingsbodem voor schimmels. De levenscyclus van de witte vlieg speelt zich af in 30 tot 40 dagen. De vrouwtjes leggen zonder bevrucht te zijn zo'n 3 tot 8 eitjes per dag aan de onderkant van de bladeren. Aanvankelijk zijn de eieren geel-groen tot wit, na enkele dagen kleuren ze paars en na 10 dagen bevindt de vlieg zich in het eerste larvestadium. Hierna volgen nog drie larvestadia, die elke 3 à 4 dagen duren, waarna een volwassen vlieg tot de plaagorde toetreedt. Een enkele witte vlieg kun je wellicht met de hand vangen, maar kijk dan wel uit dat je geen planten beschadigdt. Bij grotere aantallen is het met de hand vangen echter niet te doen en zul je ( ook ) voor een andere bestrijdingsmethode moeten kiezen.


Luizen
Bladluizen zijn er in veel soorten. Cannabisplanten worden meestal geplaagd door de perzikluis, amper twee millimeter groot en groen, bruin of zwart van kleur. Ze komen voor in gevleugelde en ongevleugelde generaties. Bladluizen houden zich vooral op in de toppen en aan de onderzijde van jonge blaadjes. Het is een zuigend insect. Door zijn dubbelloopse zuigsnuit pompt hij een enzymrijk speeksel in het plantenblad om cellen los te weken en tegelijkertijd zuigt hij suikerhoudende plantensappen op. Hierdoor zullen de bladeren verkleuren en uiteindelijk verwelken. Bovendien scheiden de luizen honingdauw af, dat kleverig op de bladeren achterblijft en vuil en schimmel aantrekt. Verder kunnen bladluizen ook virussen overbrengen. Bladluizen kunnen zich explosief vermeerderen doordat vrouwtjes zich meer dan tien generaties lang zonder bevruchting kunnen voortplanten. In haar leven kan een vrouwtje ca. 5 eitjes per dag leggen die na 9 dagen volwassen zijn.
De bladluis heeft vele biologische vijanden zoals lieveheersbeestjes, oorwurmen en spinnen. In de binnenteelt worden de galmug en de gaasvlieg als predatoren ingezet tegen bladluis.


Trips ( een trips, twee tripsen! )
Tripsen zijn de kleinste gevleugelde insecten ( 1mm). De belangrijkste soorten die kunnen voorkomen zijn de tabakstrip, de Californische trips en de rozetrips. Hun kleur is afhankelijk van de soort en van het voedsel dat ze tot zich nemen, maar als volwassen zijn ze meestal te herkennen aan een geel-bruine kleur. Ze zijn berucht omdat ze al zeer jonge plantjes aanvallen. De eerste tripsen zul je vooral ontdekken op warme plaatsen. Zoals bij de meeste insecten is de ontwikkelingsduur afhankelijk van de temperatuur. Hoe hoger de temperatuur, hoe korter de ontwikkelingstijd. Het snelste verloop ligt bij de 30 °C, maar boven de 35 °C houdt de ontwikkeling op. Bij 18 ° C duurt de evolutie ongeveer twee keer zo lang als bij 25 ° C. De schade die ze aanrichten wordt veroorzaakt doordat de trips in plantencellen prikt en die leegzuigt. Het weefsel rondom sterft dan af, waardoor zilvergrijze vlekken ontstaan waarop zwarte puntjes ( uitwerpselen van de trips ) te zien zijn. Verder vermindert de productie van de plant door verlies aan bladgroen. Bij ernstige aantasting verdrogen de bladeren en kunnen ook de toppen aangetast worden. Je kan met een plaag te maken krijgen doordat trips meegebracht worden op planten, mensen of materialen, doordat ze naar binnen vliegen in je kweekruimte of zijn overgebleven na overwintering in spleten, plantenresten, kasconstructie en zo meer. Als natuurlijke vijanden kunnen roofmijten, roofwantsen en tripsparasieten worden ingezet. De schimmel Verticillium lecanii kan alleen in combimatie met roofmijten en roofwantsen als vijand van de tripsen fungeren. Het succes van tripsroofmijten is o.a. afhankelijk van hun honger en van de grootte van de prooilarven. Grotere tripslarven kunnen namelijk letterlijk terugslaan met hun achterlijf en de roofmijt besproeien met een vochtige substantie, met als gevolg dat de roofmijten zich eerst gaan schoonmaken alvorens aan eten te denken.


Varenrouwmug
De varenrouwmug is een grijszwart mugje van 1 tot 3 millimeter groot, met lange poten en twee sprieten op de kop. De mug legt in haar leven zo'n 100 eitjes die -afhankelijk van de temperatuur - na 8 tot 10 dagen uitkomen. Ze doet het vooral goed in een warme en vochtige omgeving en natuurlijk in de buurt van de planten. De larven van deze mug zijn doorzichtig wit. Ze groeien uit tot wel 3 à 4 mm en ze hebben een opvallend zwarte kop. Deze larven zijn de feitelijke boosdoeners, en leven in de aarde van jonge plantenwortels en organisch materiaal. De vraatschade die ze aanrichten leidt tot bladverkleuring, verwelking en groeivertraging en in het ergste geval tot het afsterven van de plant. Naast de natuurlijke vijand van de varenrouwmug - de nematoden - kun je als alternatief ook vangstrips gebruiken.


(Schild-)Wantsen
(Schild-)Wantsen zijn platte, groene insecten ide vooral bij hogere temperaturen erg beweeglijk zijn. Ze worden ongeveer 2 tot 4 millimeter lang en hebben vier plat op de rug liggende vleugels. De larven hebben geen vleugels maar net als de volwassen exemplaren een steeksnuit. De (schild-)wants duwt haar steeksnuit bij voorkeur in jonge blaadjes, zuigt haar voeding daaruit op en gaat weer verder. Pas bij het uitgroeien van het blad wordt de schade zichtbaar: hartrot ( vele onregelmatig gevormde gaatjes met een bruine rand ).
(Schild-)Wantsen houden zich graag op in de oksels van zijtakken. Soms scheiden ze een kleverige honingsdauw af.



Schimmels
Er zijn vele soorten schimmel. Ze hebben met elkaar gemeen, dat ze goed gedijen in een vochtige omgeving met stilstaande lucht!
Roestzwam is te herkennen aan de gele kringen bobenop het plantenblad met op dezelfde plaats daaronder bruinrode kringen of plekken. Bij de behandeling zorg je allereerst voor een lagere luchtvochtigheid en verbeter je zonodig de luchtbeweging. Haal bij een kleine plaag de aangetaste bladeren heel voorzichtig weg. De microscopisch kleine sporen van deze zwam tasten anders de gezonde bladeren aan.Meeldauw wordt ook door schimmels veroorzaakt. De sporen van deze schimmel worden door de lucht meegevoerd. Meeldauw is vooral te herkennen aan de witte grijze of beige pluizige aanslag op het blad en de stengel. Je kunt het gemakkelijk afvegen. Meeldauw gedijt het best in een warm en droog milieu.Grauwe schimmel, ook wel botrytis genoemd, is een zwakte-parasiet die vooral loert op zwakke en beschadigde planten. Het is te herkennen aan grauwbruin schimmelpluis ontwikkelen zich miljarden nieuwe sporen die gemakkelijk door de lucht worden verspreid. Via wonden aan de plant kan botrytis de gehele plant aantasten. De schimmel houdt van koele, vochtige omgeving. Deze ziekte is wijten aan verkeerde omstandigheden.

De eerste stap in de bestrijding van schimmels is het goed luchten van de kweekruimte. Dit doe je om te ontvochtigen en om de in de lucht zwevende sporen af te voeren. Verder worden alle mogelijke voedingbodems voor de schimmel zoals plantenresten e.d. buiten de kweekruimte gebracht. Doe dit heel omzichtig anders verspreid je meer sporen dan je opruimt! Er bestaan biologische middelen tegen schimmels die op kruidenbasis werken. Deze zijn vooral te gebruiken ter preventie en als bestrijdingsmiddel bij kleine infecties. Na besproeiing zullen de aangetaste plekken indrogen en wordt de schimmel inactief. Bij een grotere of hardnekkige aantasting zul je wellicht besluiten om met een fungicide te spuiten. Met chemische schimmelverdelgers moet je vaak meerdere keren, met een pauze van 5 tot 10 dagen, de planten overal goed besproeien. Dergelijke middelen zijn onder verschillende merknamen verkrijgbaar in tuincentra. Wees voorzichtig met dit spul: het is echt giftig! Voor al dit soort middelen wordt een aanbevolen wachttijd aangegeven. Zoals al eerder gezegd beveel ik een langere wachttijd dan vermeld op de verpakking dringend aan

21.1 Vriendelijke beesten
Om ons te helpen zijn er gelukkig ook nog heel wat aardige beestjes bij je growshop verkrijgbaar. Hieronder volgen een aantal belangrijke vrienden.

Roofmijt
De roofmijt leeft in hoofdzaak van kasspint en kasspint-eieren, die hij leegtzuigt en opeet. Maar ook de varenvouwmug is een geliefd hapje van hem. De roofmijt is een half millimeter klein, glimmend rood diertje dat het beste strijdt bij een temperatuur van 15°C -25°C en een hoge luchtvochtigheid. Dat laatste is dus gunstig om de bestrijding met waterbesproeiing te combineren. Een roofmijt leeft ongeveer een maand en per etmaal voedt hij zich ( bij circa 20 °C ) met ofwel zo'n 20 jonge larven en eieren of 5 volwassen spintmijten. De kasspintmijt legt per dag beduidend minder eitjes dan een roofmijt. Doordat de roofmijt zich twee keer zo snel ontwikkelt als de kasspint neemt het aantal roofmijten zich twee keer zo snel toe ( terwijl de spintpopulatie snel afneemt ), waardoor de plaag uiteindelijk onder controle zal komen. Roofmijten worden geleverd in een flesje dat tevens materiaal bevat waarop de beestjes zich hechten tijdens het transport. Na ontvangst zet je de roofmijten zo snel mogelijk in de tuin uit door de inhoud van het potje gelijkmatig over alle planten uit te strooien. Omdat ze slecht tegen hoge temperaturen kunnen, doe je dit bij voorkeur op een moment dat de lampen gedoofd zijn. Na drie weken zet je nog eens roofmijt uit en herhaal dit net zo lang tot alle spint en varenvouwmug verdwenen is.


Sluipwesp
De sluipwesp is ruim een halve millimeter groot. Zij ontleent haar naam niet aan het besluipen van haar prooi maar aan het Duitse 'schlupfen'(= kruipen). De larven kruipen namelijk uit het prooidier waarin mama-sluipwesp haar eitjes heeft gelegd. Na een dag of tien verkleuren de poppen van de geparasiteerde witte vlieg zwart. Nog eens veertien dagen later komen deze poppen uit en is er een nieuwe generatie sluipwespen.Sluipwespen worden geleverd in het poppenstadium en je ontvangt kaartjes waarop de zwarte bolletjes zijn gekleefd. Per zending krijg je circa 500 poppen. Direct na ontvangst hang je de kaarten tussen de planten zonder de poppen door aanraking met de handen te beschadigen. Door de warmte komen de poppen uit en heb je een leger sluipwespen. Zo nodig kun deze behandeling met tussenpozen van veertien dagen herhalen. Bij ernstige plagen is het raadzaam om voor het inzetten van sluipwespen de planten eerst te behandelen met een insectenspray. Kijk wel uit dat de spray geen bestanddelen bevat die schadelijk zijn voor de sluipwespen, want dan gooi je het kind met het badwater weg!


Galmug
Galmuggen worden geleverd in de vorm van galgmugpoppen die je in de tuin hangt en na enkele dagen uitkomen. Het galgmugvrouwtje legt binnen enkele dagen zo'n 100 eitjes op bladeren met bladluizen. Het eistadium duurt 2-3 dagen, het larve stadium 7-14 dagen en het popstadium ongeveer twee weken. De bladluis wordt met gif ingespoten en vervolgens leeggezogen. Elke larve neemt in een periode van 5 dagen ongeveer 20 bladluizen voor zijn rekening en kruipt daarna in de grond om een cocon te spinnen. Na ongeveer twee weken en een popstadium verder komt een volwassen galmug te voorschijn. De galmug is in staat een enkele zieke geïnfecteerde plant te herkennen tussen de vele niet-geïnfecteerde planten. Galmuggen worden aangeschaft in de vorm van 250 poppen, die zo snel mogelijk in hoopjes aan de voet van de planten worden uitgestrooid.


Gaasvlieg
De gaasvlieg is een echte veelvraat. De larven van deze vliegen kunnen per dag wel 20 tot 50 luizen opeten. De gaasvlieg gaat op dezelfde wijze te werk als de galmug. De larve verlamt de luis en vervolgens zuigt hij hem in twee minuten leeg. Een verpakking gaasvliegen bevat 500 larven.


Nematoden
Biologisch hulp ( bij de bestrijding van de varenrouwmug ) kun je verwachten van nematoden, ook wel aaltjes genoemd. Dit zijn insectenparasieten die in de grond voorkomen en daar parasiteren op insectenlarven. Ze dringen via natuurlijke lichaamsopeningen de larven van de varenrouwmug binnen. Daarbij komt uit de darm van de nematode een bacterië vrij, die binnen enkele dagen dodelijk is voor de larve. Nematoden vermenigvuldigen zich in de dode larve en als de gastheer verteerd is, komen ze vrij en gaan ze op zoek naar een nieuw slachtoffer. Nematoden worden vaak per vijf miljoen verpakt, en verstuurd in klei. De klei met de nematoden los je op in drie liter water. De klei laat je bezinken en de nematoden 'zwemmen' in het water rond. Dit levende water gebruik je om de aarde rond de stam van de planten te begieten. Het werkt het best als de grond al wat vochtig is.Wie de plaag aan de basis wil bestrijden, moet ook de eitjes-leggende mug aanpakken. Dit kan door het uitzetten van de speciale nematoden, die hun maaltijd vinden in de varenrouwmug.


Roofwantsen
Roofwantsen zijn enorme veelvraten, en kunnen ingezet worden als élite-troepen'. Zij vreten alles op wat zij op hun weg tegenkomen.
Volgende
Vorige
aaaaaaaaaaaaiii